Bemiddeling en van twee walletjes eten
30 december 2025 - Evert Jan Heijnen
Afgelopen jaar heeft de Hoge Raad duidelijkheid gegeven in de zaak die voetballer Stefan de Vrij had aangespannen tegen zijn zaakwaarnemer Sports Entertainment Group Football B.V. (“SEG”). Waar SEG de voetballer begeleidde bij zijn transfer van Feijenoord naar Inter Milaan, had SEG met Inter ook provisie-afspraken gemaakt die ook betrekking hadden op deze transfer. Met name de tussen SEG en Inter gemaakte afspraak dat SEG een substantieel bedrag zou ontvangen wanneer de salarisclaim van De Vrij over de contractduur van vijf jaar lager zou zijn dan EUR 50 miljoen, schoot bij De Vrij in het verkeerde keelgat.In deze zaak is de Vrij opdrachtgever/lastgever en SEG opdrachtnemer/lasthebber.
De Vrij vorderde schadevergoeding van SEG en stelde dat SEG als lasthebber van De Vrij in strijd had gehandeld met de wettelijke verplichting van de lasthebber om bij een belangentegenstelling de lastgever daarvan in kennis te stellen. Doet die dat niet, dan is de lastgever geen loon aan de lasthebber verschuldigd en kan deze bovendien de schade die door hem/haar wordt geleden van de lasthebber vorderen. Deze wettelijke regeling, waarvan niet ten nadele van de lastgever kan worden afgeweken, staat in de artikelen 7:416 tot en met 7:418 BW.
De Vrij stelde dat hij door die afspraak tussen SEG en Inter geen of minder tekengeld van Inter kon claimen. Zowel de Rechtbank als het Hof gingen hierin mee en veroordeelden SEG tot vergoeding van de door De Vrij geleden schade. Naast het feit dat SEG van De Vrij geen courtage/loon kon claimen, is SEG gehouden om een bedrag van ongeveer EUR 5 miljoen aan schadevergoeding te betalen. Hoewel de Hoge Raad nog wel vond dat het Hof de (hoogte van de) door De Vrij geleden schade nog beter moest motiveren, is het belang van dit arrest er met name in gelegen dat de argumenten van SEG -die erop neerkwamen dat De Vrij ervan op de hoogte was, of kan zijn, dat SEG met Inter commissieafspraken had gemaakt en dat dit in de branche gebruikelijk is- van tafel worden geveegd. Waar SEG aangaf dat door deze omstandigheden er op haar geen mededelingsplicht van de belangenverstrengeling rustte en op De Vrij een onderzoeksplicht, ging de Hoge Raad hier niet in mee. De Hoge Raad overwoog dat artikel 7:418 BW de opdrachtgever (lastgever) beoogt te beschermen tegen de gevolgen van een belangenverstrengeling. Daarom is er volgens de Hoge Raad een verplichting van de opdrachtnemer/lasthebber om uit eigen beweging openheid van zaken te verschaffen over zijn eigen belang. Doet de lasthebber dat niet, dan is de lastgever geen loon aan hem verschuldigd en moet hij ook de schade vergoeden die de lastgever door die belangentegenstelling heeft geleden.
Dit arrest is van belang voor alle vormen van lastgeving, dus niet alleen voor zaakwaarneming in de voetballerij.
Ook bijvoorbeeld makelaars zullen klare wijn moeten schenken wanneer zij eigen klanten de mogelijkheid geven om een pand “voor de markt uit” te kopen (overigens ook “in de markt”). De verkoopmakelaar zal zijn/haar klanten dan duidelijkheid moeten geven over de afspraken die hij met de (potentieel) kopende partij respectievelijk met de verkoper heeft gemaakt. Doet de makelaar dat niet en komt de verkoper erachter dat de koper ook een klant van de makelaar was, dan loopt de makelaar een aanzienlijk risico dat de verkoper (en zelfs de koper) aan hem/haar geen courtage verschuldigd is en ook schadeplichtig is.
Het eten van twee walletjes heeft een groot risico hongerig achter te blijven. Mocht u bemiddelaar zijn en hierover advies willen, neem gerust contact op met onze specialisten.
Neem contact met ons op
- Rotterdam +31 (0)10 440 05 00
- Den Haag +31 (0)70 354 70 54